KOOS - doorlopend kwaliteitsonderzoek
Om na te gaan wat OR-en van hun cursussen vinden, doet het GBIO systematisch onderzoek. Dat is het Kwaliteitsonderzoek OR-scholing (KOOS). We gebruiken daarvoor een vragenlijst, die we versturen aan een deel van de deelnemers van meerdaagse maatwerkcursussen. OR-leden kunnen de vragenlijst via internet of op papier invullen. We vragen naar hun ervaringen met de gevolgde cursus, zodat we de kwaliteit en de effectiviteit van de cursussen in de gaten kunnen houden.
De uitkomsten worden elk half jaar teruggekoppeld naar de GBIO-instituten. Deze rapportages aan de instituten zijn niet openbaar. Als u meer wil weten over de algemene uitkomsten kunt u in het derde GBIO-katern ‘Een deskundige OR werkt beter’ lezen over de resultaten van het kwaliteitsonderzoek als geheel. In die uitgave is aandacht voor een aantal deelstudies naar kwaliteitsaspecten van OR-cursussen.
De resultaten van het KOOS zijn belangrijk bij het behalen en behouden van de GBIO-erkenning. Daarnaast bieden de uitkomsten handvatten voor de verbetering van de cursussen.
Meten op verschillende momenten
Met KOOS heeft het GBIO een eigen meetinstrument. Daarnaast gebruiken de meeste instituten hun eigen vragenlijsten voor een evaluatie aan het einde van de cursus. Die verschillende vragen, op verschillende momenten, meten verschillende effecten. Het is dan ook lastig om de uitkomsten goed te vergelijken en te interpreteren.
Van oktober 2009 tot en met maart 2010 hebben we samen met vijf scholingsinstituten een ander systeem getest: Evaluator. Daarbij kregen cursisten, OR-leden, op drie momenten een korte vragenlijst per e-mail. Met de antwoorden kan de trainer zijn programma afstemmen en aanvullen, maar ook na een tijdje het echte effect van de cursus nog eens goed bekijken. Datzelfde geldt natuurlijk voor de OR-leden: zij kunnen hun leervragen nog eens goed overwegen, maar ook beter in de gaten houden wat de cursus in de praktijk betekent. Daarnaast geven de antwoorden aan het GBIO de nodige informatie over de algemene kwaliteit van de cursussen. En dat allemaal met één systeem!
De uitvoering had wel veel haken en ogen. Ten eerste wilden de verschillende instituten natuurlijk verschillende vragen stellen aan hun cursisten. Dat maakte het lastiger om de antwoorden samen te vatten en te vergelijken. Het vragen zelf was ook lastig: er zijn veel OR-leden die geen (zakelijk) e-mailadres hebben. Daarnaast is het systeem niet voor elke opleider de kosten waard.
In april 2010 is de test afgerond. Het instrument Evaluator wordt door twee scholingsinstituten verder ingezet. Het GBIO is er na de test mee gestopt om nader onderzoek te kunnen doen. Inmiddels is duidelijk dat het meten op verschillende momenten een duidelijke meerwaarde heeft. Ook het afstemmen van verschillende soorten evaluaties is nuttig. Het GBIO kan echter niet alle cursisten en opleiders over één kam scheren - en dat doen we dan ook niet. We gaan kijken naar verschillende mogelijkheden om de voordelen van zo'n systeem te benutten en de nadelen te ondervangen.
Vervolg wordt later dit jaar bekend gemaakt aan de instituten en op deze website.


